Piet Paaltjens
Dichter-Dominee 1835-1894
Een brok in de keel
Er lekken tranen in de havermout:
mijn droefheid is vandaag vroeg uit de veren,
heeft zich gewassen, steekt al in de kleren,
heeft aan de pap iets klagelijks aanschouwd.
Wat kan er roeren aan dit stil ontbijt
dat ik, zó nuchter, al van streek moet raken:
het ei, de jam, het grauwe tafellaken,
dat als een doodskleed wijst op de Eeuwigheid?
Een meisje lacht op 't grote pak H-O
en geeft de haver met klassiek gebaar
aan alle winden mee: jóuw goudblond haar!
In sprookjes doen de Zaaistertjes het zo.
Jij hebt je zeer geraffineerd verkleed
als Gouden Onschuld, meisje van het koren,
door W.G. van der Hulst een keer verloren
als hij in Zeeland door de velden reed.
Je hebt me dus gevonden op den duur
om 't vreselijk treurspel aan mij te voltooien:
de resten van mijn laaiend liefdesvuur,
mijn as, naar alle hoeken te verstrooien.
Lévi Weemoedt 1948
Bron: Vanaf de dag dat ik mensen zag
Verzamelde gedichten. Nijgh & Van Ditmar
Amsterdam 2007
Home, websites over eten,over Piet Paaltjens, gedichten, recepten, culinaire citaten,