Piet Paaltjens
Dichter-Dominee 1835-1894
Wijnlied
Achter het slierende, waaiende wolkengordijn
daar persen de engelen druiven tot wijn.
Op hun bloote voeten siddert de gloed
van 't nieuwe menschenbloed.
Dit bloed is nu ons allen één geschonken.
Wij waren vijanden totdat we het dronken,
maar morgen zijt ge allen weer beest en ik een dier,
broeders zijn we alleen hier.
Gij drinkt de gloed van zon en ik van sterren
en werklijkheid is nu wel ver, heel verre,
want achter het slierende, waaiende wolkengordijn
daar persen engelen druiven tot wijn.
Dat ik toch eenmaal als engel boet
voor mijne zonden en eeuwig druiven persen moet.
Frits Scheers
Bron: De dorstige dichter, omvattende een bescheiden verzameling
gedichten en liederen uit nabij en ver verleden, handelende over
den drank en zijn schenkplaats, over den dorstige en over de dorst
vergaard door Han G. Hoekstra.
Uitgeverij Bigot & Van Rossum N.V. Amsterdam 1939